Levensverzekering
Veel dingen in het leven zijn onzeker, zo ook het tijdstip van iemands overlijden. Bij het afsluiten van een hypotheek is het verstandig hieraan aandacht te schenken. Immers, indien door het overlijden van de partner een inkomen wegvalt is het maar de vraag of de hypotheek nog betaald kan worden.
1) Overlijdensverzekering
Om financiële problemen bij overlijden te voorkomen biedt een overlijdensverzekering uitkomst. De uitkering wordt meestal aangewend om (een deel van) de hypotheek af te lossen. De achterblijvende partner kan op deze manier in de woning blijven wonen.
Bij het banksparen vindt de uitkering doorgaans plaats in box 3. Het voordeel is dat de uitkering vanuit fiscaal oogpunt niet verplicht aangewend hoeft te worden om de hypotheek af te lossen. Indien u dit wenst kan ik u diverse mogelijkheden laten zien zoals:
- annuïtair dalende risicoverzekering
- lineair dalende risicoverzekering
- gelijkblijvende risicoverzekering
In deze voorbeelden spreken we van een dalende of gelijkblijvende dekking.
2) Premie
Elk van bovenstaande verzekeringen kunt u afsluiten tegen betaling van een gelijkblijvende premie of tegen een leeftijdsafhankelijk tarief (eenjarige risicoverzekering). Het leeftijdsafhankelijk tarief wordt echter lang niet door alle maatschappijen aangeboden.
Indien u kiest voor een gelijkblijvende premie wordt de premie aan het begin van de looptijd vastgesteld en deze verandert niet meer. De premie is, gemeten aan uw leeftijd, in de eerste jaren te hoog. Bij vroegtijdig overlijden heeft u eigenlijk teveel premie betaald. Aan het eind van de looptijd (bij in leven zijn) is de premie, gerelateerd aan uw leeftijd, laag.
Bij de eenjarige risicoverzekering is er niet sprake van een vaste premie. Deze wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld. In de eerste jaren is de premie laag. Omdat u ouder wordt stijgt de premie per 1000 euro verzekerd kapitaal jaarlijks. Deze manier van premieberekening is de meest zuivere methode.
3) Dalende dekking gerelateerd aan kapitaalopbouw
Bij het banksparen vindt kapitaalopbouw plaats op een spaarrekening in box 1. Het rendement op de spaarrekening is gelijk aan de te betalen hypotheekrente (niet altijd!). Aan de hypotheek is een risicoverzekering met dalende dekking gekoppeld. Door toename van het spaarsaldo daalt de overlijdensdekking jaarlijks. Reden hiervoor is dat bij overlijden het spaarsaldo en de overlijdensdekking opgeteld worden om tot het afgesproken uitkeringsbedrag te komen. Zie hieronder een rekenvoorbeeld bij een hypotheekrente van 5% waarbij het jaarlijkse rendement op de spaarrekening ook 5% bedraagt.
Jaar Spaarsaldo Overlijdensdekking Totaal dekking
1 1.475 98.525 100.000
5 8.171 91.829 100.000
10 18.658 81.342 100.000
20 49.388 50.612 100.000
30 100.000 0 100.000
Bij overlijden wordt het op dat moment verzekerde bedrag uitgekeerd. De overgebleven partner mag zelf beslissen om ook het spaarsaldo uit te laten keren. Een optredend nadeel bij het banksparen is dat bij het uit laten keren van het spaarsaldo de helft van het uitgekeerde saldo ten koste gaat van de vrijstelling van deze overgebleven partner.
Er zijn ook bankspaarproducten waarbij het rendement op de spaarrekening niet is gekoppeld aan de hypotheekrente. De spaarvergoeding is variabel, net als bij een gewone spaarrekening. De kapitaalopbouw verloopt dan, net als de dalende dekking, grillig.
4) Annuitair dalende dekking
Een andere mogelijkheid is om een annuitair dalende risicoverzekering af te sluiten. Hierbij is het echter oppassen met welk percentage u de dekking laat dalen. Indien dit percentage gelijk is aan de hypotheekrente ontstaat er geen probleem bij overlijden. Hieronder het dekkingsoverzicht bij een percentage van 5%.
Jaar Spaarwaarde Overlijdensdekking Totaal dekking
1 1.475 98.525 100.000
5 8.171 91.829 100.000
10 18.658 81.342 100.000
20 49.388 50.612 100.000
30 100.000 0 100.000
De dekking daalt op precies dezelfde wijze als in het eerste voorbeeld. Zodra het rendement op de spaarrekening niet gekoppeld is aan de hypotheekrente van 5% is dit geen goed alternatief. Er is dan geen sprake van een regelmatige kapitaalopbouw. De keuze voor een dekking die jaarlijks aansluit bij het spaarsaldo is dan een betere optie.
5) Lineair dalende dekking
Bij de lineair dalende risicoverzekering daalt het verzekerd kapitaal maandelijks met een vast bedrag. Gedurende bijna de gehele looptijd is de dekking bij overlijden lager dan 100.000 euro.
Jaar Spaarwaarde Overlijdensdekking Totaal dekking
1 1.475 96.666 98.141
5 8.171 83.333 91.504
10 18.658 66.667 85.325
20 49.388 33.333 82.721
30 100.000 0 100.000
6) Gelijkblijvende dekking
Bij een gelijkblijvende risicoverzekering ontstaat er nooit een probleem bij overlijden. Na 30 jaar is de einduitkering bij overlijden 200.000 euro. Duidelijk is te zien dat hoe later het overlijden plaatsvindt hoe hoger de einduitkering.
Jaar Spaarwaarde Overlijdensdekking Totaal dekking
1 1.475 100.000 101.475
5 8.171 100.000 108.171
10 18.658 100.000 118.658
20 49.388 100.000 149.388
30 100.000 100.000 200.000
Graag kijk ik samen met u welke constructie het beste bij uw situatie past. Ik zal dan meerdere berekeningen voor u maken. Wellicht betaalt u voor uw huidige verzekering een veel te hoge premie of kan een ruimere dekking worden verleend voor slechts enkele euro’s meer per maand.